2.1

Inleiding

Dit hoofdstuk belicht de nieuwe ontwikkelingen in het Deltaprogramma sinds DP2016: de voortgang en relevante wijzingen in het programma en de verwachte mijlpalen voor de komende tijd. Paragraaf 2.2 geeft deze informatie voor de thema’s waterveiligheid, ruimtelijke adaptatie en zoetwater en paragraaf 2.3 voor de verschillende gebieden. Paragraaf 2.4 geeft een eerste uitwerking van de systematiek ‘meten, weten, handelen’ die de adaptieve aanpak van het Deltaprogramma gaat ondersteunen. In paragraaf 2.5 staan de overige ontwikkelingen: de borging bij de verschillende overheden, kennis, markt en innovatie en internationale samenwerking.

Het Deltaprogramma heeft de opgave ervoor te zorgen dat de waterveiligheid en de zoetwatervoorziening in 2050 duurzaam en robuust zijn en ons land zo is ingericht dat het de grotere extremen van het klimaat veerkrachtig kan blijven opvangen. Bij de uitvoering van maatregelen zoeken partijen mogelijkheden om opgaven en ambities op het gebied van water en ruimte te verbinden en meekoppelkansen te benutten, om zo tot effectieve oplossingen voor waterveiligheid en zoetwater te komen. Adaptief werken en gedeeld eigenaarschap vormen de basis van de aanpak. Daarover is hierna meer te lezen.

Water en ruimte verbinden

De ambitie van het Deltaprogramma is maatregelen waar mogelijk integraal uit te voeren om tot doelmatige en uitvoerbare oplossingen te komen. Dat vraagt tijdig overleg en een tijdige verbinding tussen investeringen voor water en ruimte. In zowel de Gebiedsoverleggen van het Deltaprogramma als de Bestuurlijke Overleggen MIRT kunnen besluiten worden genomen over opgaven en projecten uit het Deltaprogramma die een (potentieel) integraal karakter of een bredere scope dan alleen waterveiligheid en zoetwater hebben en waarbij meerdere partijen zijn betrokken. De bewindslieden van Infrastructuur en Milieu willen de Bestuurlijke Overleggen MIRT op twee momenten in het jaar gaan voeren: in het najaar afspraken maken over opgaven, programma’s en projecten, en in het voorjaar de tijd nemen voor werkbezoeken en het voeren van strategische discussies.

Initiatiefnemers die ruimte en water willen verbinden, kunnen veel leren van de kennis en ervaringen van anderen. Om uitwisseling te stimuleren heeft het Deltaprogramma projecten die water en ruimte verbinden op een kaart gezet (kaart 1 Verbinden Water en Ruimte). De projecten geven invulling aan de opgaven voor waterveiligheid, zoetwater en ruimtelijke adaptatie. De kaart en de bijbehorende projectenlijst geven geen volledig beeld, maar laten wel zien dat het verbinden van water en ruimte al veel plaatsvindt. De voorbeelden komen onder meer van het Hoogwaterbeschermingsprogramma, Ruimte voor de Rivier, Natuurlijke Klimaatbuffers en de programma’s Zoetwater en Ruimtelijke adaptatie. 

 

De Erasmus Universiteit Rotterdam heeft in beeld gebracht wat de noodzakelijke condities en beschikbare knoppen zijn om water en ruimte succesvol te kunnen verbinden. Het onderzoek biedt concrete aangrijpingspunten voor projectleiders, beleidsmakers en bestuurders. Een belangrijke conclusie is dat een gebiedsgerichte benadering met een brede scope, op basis van een doorgaande dialoog en wederzijds commitment, een voorwaarde is om te komen tot het verbinden van de opgaven van het Deltaprogramma met andere ruimtelijke opgaven. De pilot Ruimtelijk Instrumentarium Dijken en de evaluatie van de drie pilots voor meerlaagsveiligheid komen eveneens tot deze conclusie en ook de nieuwe Omgevingswet ondersteunt deze werkwijze.

Gedeeld eigenaarschap, gedeelde verantwoordelijkheid

Voor een goede uitvoering van het Deltaprogramma dragen alle overheden, het bedrijfsleven en belangenorganisaties verantwoordelijkheid. Die nieuwe manier van samenwerken krijgt op verschillende manieren vorm. 

Bij het thema waterveiligheid speelt gedeeld eigenaarschap vooral een rol bij het benutten van meekoppelkansen. In 2016 hebben regionale partijen opnieuw de voorlopige programmering van dijkversterkingen in het Hoogwaterbeschermingsprogramma in de gebiedsgerichte bestuurlijke overleggen van het Deltaprogramma besproken en aangeven waar kansen voor meekoppelen bestaan. Ook tijdens de vervroegde verkenning en de verkenning voor projecten in het Hoogwaterbeschermingsprogramma komen de randvoorwaarden en wensen van de omgeving in beeld. Daar zijn al enkele goede voorbeelden van. Voor de dijkversterkingen langs de IJssel zijn bijvoorbeeld vroegtijdige gesprekken gevoerd op basis van een meekoppelkansenkaart (zie kader paragraaf 2.3.3). Het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimpenerwaard start de landelijke projectoverstijgende verkenning (POV) Voorlanden.

Voor zoetwater hebben partijen invulling gegeven aan gedeeld eigenaarschap door in bestuursovereenkomsten vast te leggen welke bijdrage iedere partij levert aan de zoetwatervoorziening. Voor ruimtelijke adaptatie gaan de betrokken overheden in het Bestuurlijk Platform Ruimtelijke Adaptatie samen het nieuwe Deltaplan Ruimtelijke adaptatie opstellen (zie paragraaf 2.2.2).

In het Nationaal Kennis- en innovatieprogramma Water en Klimaat (NKWK) pakken kennisinstellingen, marktpartijen en overheden sinds 2015 gezamenlijk de kennisvragen rond het Deltaprogramma op (zie paragraaf 2.5).

Net als in voorgaande jaren zijn maatschappelijke organisaties in alle gebieden en bij individuele projecten betrokken. Op nationaal niveau heeft het Overleg Infrastructuur en Milieu (OIM) geadviseerd (zie achtergronddocument B). 

Adaptief werken

Adaptief deltamanagement vraagt om het aanpassen van strategieën, maatregelen en programmering als nieuwe ontwikkelingen en inzichten daar aanleiding voor geven. Zo worden sluizen in de Nieuwe Waterweg (plan Sluizen) na onderzoek als een volwaardig alternatief in de beschouwing meegenomen als de Maeslantkering aan vervanging toe is of eerder als dat op grond van nieuwe inzichten in klimaatverandering, waterveiligheid of zoetwatervoorziening nodig is (zie paragraaf 2.3.2).

Het Deltaprogramma verzamelt met de systematiek ‘meten, weten, handelen’ de informatie die nodig is om adaptief te kunnen werken. De systematiek leidt via twee lijnen tot inzichten in de voortgang (output en outcome) en in nieuwe ontwikkelingen die aanleiding kunnen zijn voor aanpassingen (zie paragraaf 2.4). Vanaf volgend jaar rapporteert het Deltaprogramma op basis van deze informatie over de vraag of we op schema liggen en of we de doelen voor waterveiligheid en zoetwater bereiken.

Door kennisontwikkeling ontstaat doorlopend nieuwe kennis over waterkeringen, zoals ‘bewezen sterkte’. Zodra nieuwe kennis stabiel is, krijgt deze een plaats in rapporten en leidraden voor het ontwerp van waterkeringen. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu verwerkt nieuwe kennis ten minste iedere twaalf jaar in het wettelijk beoordelingsinstrumentarium.

Vrijwel alle thema’s en gebieden voeren pilots uit met nieuwe werkwijzen en nieuwe maatregelen. Denk bijvoorbeeld aan waterbeschikbaarheid, klimaatbestendige inrichting van steden en dorpen en het vroegtijdig verkennen van kansen voor meekoppeling. Leren van elkaars ervaringen is ook een vorm van adaptief deltamanagement. Dat gaat niet vanzelf. Het Deltaprogramma blijft daar de komende jaren aandacht aan besteden. Voor ruimtelijke adaptatie is het kennisportaal (www.ruimtelijkeadaptatie.nl) een belangrijk instrument om kennis te delen en ervaringen uit te wisselen. Samen leren gebeurt ook in het living lab klimaatadaptatie en in de City Deal Klimaatadaptatie.

Markt en innovatie

In de eerste helft van 2016 heeft Nederland, tijdens het voorzitterschap van de Europese Unie, kennis en innovaties die voortkomen uit het Deltaprogramma in de schijnwerpers gezet. Zo heeft het project Lent, dat in 2015 is opgeleverd in het kader van Ruimte voor de Rivier, internationale aandacht gekregen als een van de iconen van het werken aan de Nederlandse delta. In het buitenland is veel belangstelling voor dit project waarbij waterveiligheid, gebiedsontwikkeling en een fraai ontwerp hand in hand zijn gegaan.

Het Deltaprogramma heeft zich het afgelopen jaar ingezet voor betere samenwerkingsmogelijkheden met de markt. Eind 2015 hebben het Hoogwaterbeschermingsprogramma, de Topsector Water, brancheorganisaties en kennisinstellingen een samenwerkingsverband ondertekend. De inzet is dijkversterkingsprojecten sneller, goedkoper en beter uit te voeren. De samenwerking richt zich zowel op concrete projecten als op projectoverstijgende verkenningen. De Taskforce Deltatechnologie (aannemers en ingenieursbureaus) en de kennisinstellingen spelen hierbij een actieve rol. De overeenkomst duurt drie jaar; ieder jaar vindt een evaluatie plaats.


Marktdagen

De vier waterschappen in Oost-Nederland investeren in 2016 en 2017 circa € 500 miljoen in waterprojecten. Ze willen de markt de gelegenheid bieden in een vroeg stadium te anticiperen op hun investeringsagenda. Om dat te bereiken hebben ze in januari 2016 twee marktdagen georganiseerd om met marktpartijen kennis en ideeën uitwisselen. In maart 2016 heeft de Unie van Waterschappen een startbijeenkomst georganiseerd voor de actualisatie van haar marktvisie; de vernieuwde marktvisie wordt gepresenteerd op de landelijke marktdag in november 2016. 

Rijkswaterstaat, Bouwend Nederland, NL Ingenieurs, Vereniging van Waterbouwers, MKB INFRA, Uneto-VNI en Astrin hebben in januari 2016 een gezamenlijke marktvisie gepresenteerd. Hiermee willen de betrokken partijen samen ruimte creëren voor innovatie en samenwerking om betere resultaten te bereiken.  

Deze samenwerking vindt in de praktijk al plaats. De contractmanagerscommunity van het Hoogwaterbeschermingsprogramma heeft in 2016 een design- & constructcontract (D&C-contract) specifiek voor de waterschappen ontwikkeld in een zogenoemd contractenbuffet. Bij een D&C-contract is de opdrachtnemer verantwoordelijk voor zowel ontwerp als uitvoering van infrastructuur. Het model heeft een specifieke invulling gekregen voor toepassing bij dijkversterkingsprojecten van de waterschappen en is in een praktijksituatie bij Hoogheemraadschap van Rijnland getest.


  1. Inleidende samenvatting
    1. Opgaven verbinden, samen op koers
  2. Deltabeslissingen en voorkeursstrategieën
    1. Inleiding
    2. Voortgang per thema
      1. Waterveiligheid
      2. Ruimtelijke adaptatie
      3. Zoetwater
    3. Voortgang per gebied
      1. IJsselmeergebied
      2. Rijnmond-Drechtsteden
      3. Rivieren - Rijn
      4. Rivieren - Maas
      5. Zuidwestelijke Delta
      6. Kust
      7. Waddengebied
      8. Hoge Zandgronden
    4. Eerste uitwerking van de systematiek 'meten, weten, handelen'
    5. Borging, kennis, markt en innovatie en internationale samenwerking
      1. Borging in beleid en beheer
      2. Kennis
      3. Markt en innovatie
      4. Internationale samenwerking
  3. Deltafonds
    1. Inleiding
    2. De stand van het Deltafonds
    3. Middelen van andere partners
    4. De financiële opgaven van het Deltaprogramma
    5. Financiële borging van het Deltaprogramma
  4. Bijlage I
    1. Deltaplan Waterveiligheid
  5. Kaart Deltaplan Waterveiligheid
  1. Bijlage II
    1. Deltaplan Zoetwater
  2. Kaart Deltaplan Zoetwater
  3. Achtergronddocumenten
    1. Achtergronddocumenten en downloads
    2. Colofon
  4. Instructie gebruik Deltaprogramma 2017