2.2.2

Ruimtelijke adaptatie

Implementatie deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie

Beschrijving deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie: zie DP2015.

De kern van de deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie is dat overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties samen werken aan een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting van Nederland. Steeds meer overheden onderzoeken de gevolgen van klimaatverandering en in het hele land zijn voorbeeldprojecten voor ruimtelijke adaptatie in uitvoering. Het Deltaprogramma ondersteunt dit door handreikingen, onderzoeksresultaten en ervaringen beschikbaar te stellen op het Kennisportaal en pilots te stimuleren. De Tweede Kamer heeft in een motie gevraagd om een actieplan Stedelijk Waterbeheer. De wenselijkheid van een actieplan Stedelijk Waterbeheer en van aanvullend of vervangend instrumentarium wordt bepaald op basis van de resultaten van de evaluatie die in het najaar van 2016 start. In deze evaluatie wordt bekeken of de huidige werkwijzen passend zijn. Het Deltaprogramma werkt aan een Deltaplan Ruimtelijke adaptatie om alle activiteiten inzichtelijk te maken. Het Rijk maakt de nationale vitale en kwetsbare functies op de afgesproken wijze beter bestand tegen overstromingen; voor regionale functies zijn in samenwerking met regionale en lokale overheden pilots gestart.


Stedelijk Waterbeheer

De voortgang van kennisontwikkeling over ruimtelijke adaptatie staat in de Kennisagenda (NH1-NH7).

Monitoring

In het voorjaar van 2016 hebben alle overheden (Rijk, provincies, waterschappen en gemeenten) voor het tweede jaar een vragenlijst van het Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie ontvangen om de voortgang van ruimtelijke adaptatie in beeld te brengen. Het algemene beeld dat in 2016 uit de resultaten naar voren komt is niet fundamenteel anders dan in 2015 (zie figuur 2). De gemeenten, waterschappen en provincies, die de monitor hebben ingevuld zijn naar eigen inschatting relatief ver met de thema’s overstromingsrisico’s en wateroverlast, iets minder ver met droogte en het minst ver met de thema’s hittestress en vitale en kwetsbare functies. Daarnaast scoren alle partijen relatief hoog op ‘weten’, iets lager op ‘willen’ en nog iets lager op ‘werken’. 

Voor het thema wateroverlast en overstroming geven alle partijen aan ver genoeg te zijn voor het realiseren van de doelstelling om in 2020 klimaatbestendig en waterrobuust inrichten onderdeel te laten zijn van het beleid en handelen. Voor het thema droogte geven gemeenten echter aan nog minder ver te zijn. Voor het thema hittestress en vitale en kwetsbare functies geven de overheden aan gemiddeld nog minder ver te zijn. De resultaten staan op www.ruimtelijkeadaptatie.nl en www.waarstaatjegemeente.nl.

Figuur 2

Inschatting van de respondenten hoe ver ze zijn met het realiseren van de doelstelling om in 2020 klimaatbestendig en waterrobuust inrichten onderdeel te laten zijn van het beleid en handelen. (Y-as: 1= helemaal niet ver 10= zeer ver)

Kennisportaal

Het kennisportaal Ruimtelijke adaptatie (www.ruimtelijkeadaptatie.nl) is een belangrijk instrument voor het delen van kennis en ervaringen. Het bevat inmiddels een groot aantal tools voor organisaties om zelf te kunnen bepalen met welke effecten van klimaatverandering ze rekening moeten of kunnen houden (piekbuien, wateroverlast in regionale watersystemen, wateroverlast in stedelijk gebied vanuit riolering, droogte, hitte, overstromingsrobuust bouwen) en welke maatregelen ze in de ruimtelijke inrichting kunnen nemen. Voorbeelden zijn de Klimaateffectatlas, Handreiking Stresstest, risicokaart, Handboek Meekoppelen en Handboek Groen-Blauwe netwerken. Het portaal bevat ook een praktijkkaart met projecten en de uitvoerende partijen.

Kennis delen en netwerken

Het Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie organiseert themabijeenkomsten om kennis te delen. Het afgelopen jaar vonden bijeenkomsten plaats over de stresstest, financiering, communicatie over klimaatbestendige tuinen en vitale en kwetsbare functies. Het programma wil het netwerk van partijen die werken aan ruimtelijke adaptatie vergroten. Dat gebeurt onder meer door contacten te leggen met brancheorganisaties zoals Bouwend Nederland en Tuinbranche Nederland en samenwerkingsverbanden van overheden zoals de G32 en de Alliantie Klimaatbestendige Steden. Deze netwerken kunnen de beweging naar klimaatadaptatie versnellen en versterken. 

Vitale en kwetsbare functies

Het Rijk maakt de dertien nationale vitale en kwetsbare functies die met het oog op overstromingsrisico’s bijzondere aandacht vragen op de afgesproken wijze beter bestand tegen overstromingen. De afgelopen twee jaar hebben de verantwoordelijke ministeries meer inzicht gekregen in de aard en de omvang van de risico’s die een overstroming voor deze functies met zich meebrengt. Het verantwoordelijke ministerie stelt vast welke mate van waterrobuustheid voor de betreffende functie noodzakelijk en proportioneel is. Voor sommige functies is ervoor gekozen de functie niet te beschermen tegen de overstroming zelf, maar in te zetten op snel herstel (zoals voor de functie afvalwater) of de bescherming alleen te richten op de meest vitale en kwetsbare delen van het netwerk (zoals voor noodcommunicatie).


vragen

Zie DP2015, P30, Voorstel deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie

In overstroomd gebied valt de elektriciteit naar verwachting uit en zijn wegen binnen korte tijd onbruikbaar. Voor achterblijvers in overstroomde gebieden blijft - afhankelijk van het zich ontrollende scenario tijdens de overstroming - wel nooddrinkwater beschikbaar. Buiten het overstroomde gebied blijft de energievoorziening werken. Chemische bedrijven worden nu aangespoord om - in redelijkheid - alle maatregelen te treffen om bij overstroming ernstige effecten voor het milieu of de gezondheid te voorkomen. Zie ook paragraaf 2.2.1 onder Versterken rampenbeheersing.

Figuur 3 geeft weer in hoeverre de stappen ‘weten’, ‘willen’ en ‘werken’ zijn doorlopen voor de verschillende vitale en kwetsbare functies:

  • Voor alle functies is het inzicht (‘weten’) flink toegenomen. Voorop lopen de functies elektriciteit, gas, olie, telecom/ict-basisvoorziening respons, hoofdinfrastructuur en nucleair. Op enige afstand volgen telecom/ict-publiek netwerk, drinkwater, gezondheid, keren en beheren, en infectieuze stoffen. Afvalwater en chemie leveren hun resultaten conform afspraak in 2017.
  • Met de stap ‘willen’ hebben de meeste functies voortgang geboekt, gericht op afronding in 2020. De realisatie van maatregelen (‘werken’) start na afronding van de stappen ‘weten’ en ‘willen’. Enkele functies zijn al met ‘werken’ begonnen.
  • De functie nucleair heeft de cyclus van ‘weten’, ‘willen’ en ‘werken’ geheel doorlopen en werkt volgens het principe van ‘continue verbetering’ aan optimalisatie van de aanpak via kennis, beleid, regelgeving en uitvoering.


Een uitgebreide beschrijving van de voortgang en de plannen voor het komende jaar staan in de Tweede voortgangsrapportage Aanpak nationale Vitale en Kwetsbare functies.

De ervaringen in de pilots Botlek, Zeeland, Amsterdam Westpoort en IJssel-Vechtdelta geven informatie over de aanpak van vitale en kwetsbare functies, de afbakening tussen nationale en regionale verantwoordelijkheden en ketenafhankelijkheden en relaties tussen functies. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu brengt samen met het Wageningen University & Research Centre de internationale kennis over ketenafhankelijkheden van vitale en kwetsbare functies bij overstromingen in beeld. Doel is eventuele leemten in kennis in beeld te brengen en deze zo nodig in te vullen. De provincie Overijssel heeft de vitale en kwetsbare functies in deze provincie in beeld gebracht. In Zeeland werkt de provincie in een brede coalitie onder meer aan het vergroten van het overstromingsbewustzijn bij vitale en kwetsbare functies.

NKWK Klimaatbestendige Stad

Een van de onderzoekslijnen van het Nationale Kennis- en Innovatieprogramma Water en Klimaat (NKWK, zie paragraaf 2.5.2) is Klimaatbestendige stad (NKWK-KBS). Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie werkt deze onderzoekslijn in samenwerking met STOWA en andere partijen uit. Met projectbezoeken willen de partijen gebruikers en aanbieders van kennis over klimaatbestendig en waterrobuust inrichten bijeenbrengen, ervaringen uitwisselen en nieuwe kennisvragen ophalen. Het eerste projectbezoek werd in april 2016 gebracht aan de Klimaatactieve Stedenband Twente. Het streven is jaarlijks circa vier bezoeken af te leggen. De nieuwe kennisvragen vormen input voor de op te stellen Kennisagenda NKWK-KBS, waarvoor de partijen gezamenlijke financiering willen realiseren. Kennisvragen die in beeld komen betreffen onder meer kosten en baten van maatregelen, financieringsconstructies, governance en systeemkennis (zie www.waterenklimaat.nl).

Vergrote opgave voor wateroverlast

Uit de meest recente KNMI-scenario’s blijkt dat het klimaat sterker is veranderd dan bij het vaststellen van de wateroverlastnormen (huidige normen uit het Nationaal Bestuursakkoord Water) is aangenomen. Dat heeft het inzicht gegeven dat de wateroverlastopgave groter is dan eerder voorzien. De Unie van Waterschappen wil het initiatief nemen om zich samen met de partners te richten op de omgang met de vergrote opgave voor wateroverlast. 

Figuur 3

Samenvatting voortgang vitale en kwetsbare functies voor stappen ‘weten, willen, werken’

Uitvoering en programmering van maatregelen ruimtelijke adaptatie

Beschrijving van concrete maatregelen: zie het betreffende gebied in paragraaf 2.3.

Deltaplan Ruimtelijke adaptatie

De betrokken overheden stellen, in aanvulling op het Deltaplan Waterveiligheid en het Deltaplan Zoetwater, ook een Deltaplan Ruimtelijke adaptatie op. In het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie wordt afgesproken hoe partijen de doelstellingen en transitieopgave van de deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie samen verder gaan brengen en welke mix van instrumenten en maatregelen ze daarbij gaan inzetten. In aanvulling op de kwantitatieve monitoring zal uit de kwalitatieve tussentijdse evaluatie van de deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie (2017) blijken welke inzet van instrumenten en maatregelen hiervoor passend is. De betrokken overheden kunnen de resultaten hiervan benutten voor eigen keuzes in beleid en handelen, en deze inbrengen in het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie. Het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie zal onderdeel zijn van het Deltaprogramma 2018.

Stimuleringsprogramma

Voor 2015-2017 zijn middelen uit het Deltafonds beschikbaar voor het Stimuleringsprogramma Ruimtelijke adaptatie (€ 0,8 miljoen per jaar). Deze middelen zijn bedoeld voor de financiering van impactprojecten, leergemeenschappen, bijdragen aan living labs, themabijeenkomsten, kennisontsluiting via het kennisportaal en overige uitwisseling van kennis en informatie. Bij de inzet van deze instrumenten wordt rekening gehouden met de verdeling over de thema's wateroverlast, overstromingsrisico, droogte en hitte, de inzet van de belangrijke organisaties uit het netwerk en de verdeling over de verschillende regio's. In 2017 brengt een evaluatie in beeld hoe de transitie naar klimaatbestendig en waterrobuust handelen zich bij overheden voltrekt en hoe het Stimuleringsprogramma daaraan bijdraagt. Op basis van de eerste resultaten van het monitoringsprogramma en ervaringen in het veld zal naar verwachting ook na 2017 ondersteuning van overheden, bedrijven en andere partijen wenselijk zijn. De evaluatie geeft inzicht in de mogelijke maatregelen en instrumenten, die de overheden kunnen inzetten om de doelstelling voor klimaatrobuust en waterbestendig handelen uiterlijk in 2020 te kunnen behalen.

Pilot Stresstest light

Met de ‘Stresstest light’ kunnen overheden relatief eenvoudig een globaal beeld schetsen van locaties die kwetsbaar zijn voor wateroverlast, droogte en hitte en van de gevolgen van overstromingen en inzicht krijgen in mogelijke oplossingen. Tien gemeenten/coalities hebben in 2015 meegedaan aan een pilot. De pilot wijst uit dat een stresstest het meest oplevert als onderdeel van lopende lokale of regionale (beleids)ontwikkelingen. Het is belangrijk dat vooraf overeenstemming bestaat over het ruimtelijk schaalniveau. Een klimaatatelier blijkt een geschikte werkvorm te zijn om tot gezamenlijke beelden te komen. Een stresstest is maatwerk en vraagt goede voorbereiding en gezamenlijke doelstellingen. Het resultaat kan zowel een strategie als een set concrete maatregelen zijn. 

Impactprojecten

In 2015-2016 zijn in drie tranches vijftien impactprojecten geselecteerd (vijf impactprojecten per tranche). De projecten hebben maximaal € 25.000 ondersteuning gekregen, als onderdeel van het stimuleringsprogramma Ruimtelijke adaptatie, om de klimaatbestendige inrichting van een gebied of een bepaald thema te versnellen. De resultaten en lessen (do’s en don’ts) worden breed verspreid via het Kennisportaal, de nieuwsbrief Ruimtelijke adaptatie en themabijeenkomsten. Resultaten van de impactprojecten van de eerste en tweede tranche zijn beschreven bij de gebieden (paragraaf 2.3). In juni 2016 is de derde tranche impactprojecten gekozen. Dit zijn:

  • Ontwikkeling instrument hittestress voor steden en dorpen in het landelijk gebied (Zeeland)
  • Sharing City (Amsterdam, Rotterdam, Dordrecht e.a.)
  • Klimaatbestendig ontwikkelen Offem-Zuid in Noordwijk
  • Hitte koelen en benutten (Utrecht)
  • Expeditie Hemels Water (Zutphen)

Resultaten van de impactprojecten van de eerste en tweede tranche zijn beschreven bij de gebieden

Informatie over de impactprojecten Programma Ontwikkeling Veengebied Woerden en Differentiatie belastingen voor klimaatadaptieve gebouwen is te vinden op www.ruimtelijkeadaptatie.nl.

Investeren in en financieren van klimaatadaptatie

Eind 2015 is verkend welke mogelijkheden en voorwaarden er zijn voor private investeringen in klimaatadaptie in stedelijk gebied. In het onderzoek zijn twee pilots bekeken: Merwe-Vierhavens in Rotterdam en Westpoort in Amsterdam. De conclusie is dat actief sturen op extra waarde noodzakelijk is, bijvoorbeeld door gebiedsontwikkeling. Ook goede afspraken over de financiering (bijvoorbeeld via een gebiedsfonds) en het verbinden van de korte termijn met een heldere ‘stip op de horizon’ zijn essentieel voor succesvol investeren in klimaatadaptatie. Op 20 april 2016 hebben publieke en private partijen hun ervaringen met financiering van uitvoeringsprojecten gedeeld tijdens twee landelijke themabijeenkomsten over dit onderwerp. De verslagen staan op www.ruimtelijkeadaptatie.nl.

Living lab klimaatadaptatie

In april 2016 is het eerste living lab klimaatadaptatie van start gegaan: het Living lab Twentesteden en Zwolle/IJssel-Vechtdelta. Hierin werken overheden (waterschappen, gemeenten, provincies, Rijk), bedrijven, kennisinstellingen en burgers samen aan concrete projecten voor klimaatadaptatie op lokaal niveau. Het deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie ondersteunt living labs gedurende één tot anderhalf jaar door kennis in te brengen, relaties te leggen en/of financiering te bieden voor de uitvoering van concrete projecten. De komende jaren zullen naar verwachting meer living labs starten.

City Deal Klimaatadaptatie

In maart 2016 hebben de steden Den Haag, Dordrecht, Gouda, Rotterdam en Zwolle, Waterschap Drents Overijsselse Delta, Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard, Hoogheemraadschap van Delfland en het ministerie van Infrastructuur en Milieu de City Deal Klimaatadaptatie ondertekend. Daarin hebben ze concrete afspraken gemaakt om in de komende vier jaar intensief samen te werken aan dit thema door van elkaar te leren, te experimenteren en te innoveren. De overheden werken samen met Ecoshape, Heijmans, BPD, Tauw, Stichting Kennisland, Netherlands Water Partnership en Rotterdam Centre for Resilient Delta Cities. Deze City Deal is onderdeel van de Agenda Stad.

Meerlaagsveiligheid

Voor de resultaten van de pilots meerlaagsveiligheid: zie paragraaf 2.2.1, Waterveiligheid.

  1. Inleidende samenvatting
    1. Opgaven verbinden, samen op koers
  2. Deltabeslissingen en voorkeursstrategieën
    1. Inleiding
    2. Voortgang per thema
      1. Waterveiligheid
      2. Ruimtelijke adaptatie
      3. Zoetwater
    3. Voortgang per gebied
      1. IJsselmeergebied
      2. Rijnmond-Drechtsteden
      3. Rivieren - Rijn
      4. Rivieren - Maas
      5. Zuidwestelijke Delta
      6. Kust
      7. Waddengebied
      8. Hoge Zandgronden
    4. Eerste uitwerking van de systematiek 'meten, weten, handelen'
    5. Borging, kennis, markt en innovatie en internationale samenwerking
      1. Borging in beleid en beheer
      2. Kennis
      3. Markt en innovatie
      4. Internationale samenwerking
  3. Deltafonds
    1. Inleiding
    2. De stand van het Deltafonds
    3. Middelen van andere partners
    4. De financiële opgaven van het Deltaprogramma
    5. Financiële borging van het Deltaprogramma
  4. Bijlage I
    1. Deltaplan Waterveiligheid
  5. Kaart Deltaplan Waterveiligheid
  1. Bijlage II
    1. Deltaplan Zoetwater
  2. Kaart Deltaplan Zoetwater
  3. Achtergronddocumenten
    1. Achtergronddocumenten en downloads
    2. Colofon
  4. Instructie gebruik Deltaprogramma 2017