2.5.1

Borging in beleid en beheer

Rijk

Eind 2014 heeft het Rijk het rijksbeleid dat voortvloeit uit de voorstellen voor deltabeslissingen en voorkeursstrategieën beleidsmatig verankerd met de tussentijdse wijziging van het Nationaal Waterplan 2010-2015. Eind 2015 is de opvolger vastgesteld: het Nationaal Waterplan 2016-2021. Ook daar staan de deltabeslissingen en voorkeursstrategieën in. De deltabeslissingen en voorkeursstrategieën krijgen ook doorwerking via de Nationale Omgevingsvisie. De minister van Infrastructuur en Milieu heeft eind 2015 het Beheer- en Ontwikkelplan Rijkswateren 2016-2021 (BPRW) vastgesteld. Ook hierin is het beleid van het Deltaprogramma opgenomen, voor zover dat betrekking heeft op het beheer van de rijkswateren.

Provincies

Provincies verwerken de deltabeslissingen en voorkeursstrategieën in hun provinciaal beleid en structuur- of omgevingsvisies. In de volgende beleidsstukken zijn deze al vastgelegd:

  • Vierde Waterhuishoudingsplan van provincie Fryslân
  • Groningse Omgevingsvisie
  • Omgevingsvisie Drenthe
  • Noord-Hollandse Watervisie 2021
  • Visie Ruimte en Mobiliteit van provincie Zuid- Holland
  • Utrechtse Bodem-, Water- en Milieuplan 2016-2021
  • Omgevingsvisie en Structuurvisie Waalweelde West van provincie Gelderland
  • Partiële herziening van het Omgevingsplan Water 2015 (hierin heeft provincie Flevoland de deltabeslissingen Waterveiligheid en Zoetwater verankerd)
  • Provinciaal Milieu- en Waterplan 2016-2021 Noord-Brabant
  • Provinciaal Waterplan Limburg 2016-2021

Voor de volgende beleidsstukken moet de vaststelling en verankering nog plaatsvinden:

  • revisie van de Overijsselse Omgevingsvisie
  • partiële herziening van Omgevingsplan Zeeland 2012-2018

In 2015 is voor iedere zoetwaterregio een bestuursovereenkomst Zoetwater gesloten. Als onderdeel daarvan vervullen provincies een belangrijke rol bij de uitwerking van waterbeschikbaarheid.

Ook voor de verankering van de deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie hebben diverse provincies nieuwe stappen gezet:

  • De provincie Groningen heeft in haar Omgevingsvisie opgenomen dat zij gebieden gaat aanwijzen waar het principe ‘functie volgt peil’ een belangrijkere rol moet spelen. De Omgevingsvise bevat een voorbeeldkaart met gebieden die gevoelig zijn voor veenoxidatie en een kaart van laaggelegen gebieden waar in principe waterrobuust bouwen noodzakelijk is.
  • De Provincie Fryslân, Wetterskip Fryslân en gemeenten hebben in het tweede Friese Bestuursakkoord Waterketen 2016-2020 afspraken over Ruimtelijke adaptatie vastgelegd.
  • De provincie Flevoland heeft in het college-uitvoeringsprogramma 2015 de ambitie vastgelegd om in 2020 waterrobuust en klimaatbestendig te handelen bij het (her)ontwikkelen van de gebouwde omgeving. Het college zal zijn ruimtelijk instrumentarium inzetten om te stimuleren dat steden en dorpen bestand zijn tegen de gevolgen van wateroverlast, watertekort en hittestress, onder meer door in 2016 het thema klimaat op te nemen in de Omgevingsvisie Flevoland.
  • Alle Flevolandse overheden samen hebben de Flevolandse intentieverklaring Ruimtelijke adaptatie ondertekend.
  • De provincie Utrecht zet ruimtelijk instrumentarium in vanwege wateroverlast en kwetsbare en vitale infrastructuur en participeert in diverse samenwerkingsverbanden voor een waterrobuuste en klimaatbestendige inrichting.
  • De provincie Overijssel heeft vitale en kwetsbare functies in beeld gebracht.
  • De provincie Gelderland heeft in haar Omgevingsvisie aangegeven bij werkzaamheden voor een gezond binnenstedelijk milieu rekening te willen houden met wateroverlast en hittestress door klimaatverandering.
  • De provincie Zeeland heeft een regierol gepakt in de Zeeuwse aanpak van klimaatadaptatie.

Waterschappen

De waterschappen hebben het voor hen relevante beleid uit de voorstellen voor deltabeslissingen en voorkeursstrategieën in 2015 en 2016 verankerd in de nieuwe waterbeheerplannen.

Gemeenten

De gemeenten staan vooral aan de lat voor het borgen van beleid dat uit het voorstel voor de deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie voortkomt en de doorwerking van die deltabeslissing. Uit de enquête Ruimtelijke adaptatie 2016 blijkt dat het algemene beeld niet fundamenteel anders is dan in 2015 (zie paragraaf 2.2.2). Voor het thema wateroverlast en overstroming geven gemeenten aan voldoende ver te zijn om de doelstelling te realiseren om in 2020 klimaatbestendig en waterrobuust inrichten onderdeel te laten zijn van het beleid en handelen. Dit geldt niet voor het thema droogte. Op het thema hittestress en vitale en kwetsbare functies geven de decentrale overheden aan gemiddeld nog onvoldoende ver te zijn.

  1. Inleidende samenvatting
    1. Opgaven verbinden, samen op koers
  2. Deltabeslissingen en voorkeursstrategieën
    1. Inleiding
    2. Voortgang per thema
      1. Waterveiligheid
      2. Ruimtelijke adaptatie
      3. Zoetwater
    3. Voortgang per gebied
      1. IJsselmeergebied
      2. Rijnmond-Drechtsteden
      3. Rivieren - Rijn
      4. Rivieren - Maas
      5. Zuidwestelijke Delta
      6. Kust
      7. Waddengebied
      8. Hoge Zandgronden
    4. Eerste uitwerking van de systematiek 'meten, weten, handelen'
    5. Borging, kennis, markt en innovatie en internationale samenwerking
      1. Borging in beleid en beheer
      2. Kennis
      3. Markt en innovatie
      4. Internationale samenwerking
  3. Deltafonds
    1. Inleiding
    2. De stand van het Deltafonds
    3. Middelen van andere partners
    4. De financiële opgaven van het Deltaprogramma
    5. Financiële borging van het Deltaprogramma
  4. Bijlage I
    1. Deltaplan Waterveiligheid
  5. Kaart Deltaplan Waterveiligheid
  6. Bijlage II
    1. Deltaplan Zoetwater
  7. Kaart Deltaplan Zoetwater
  8. Achtergronddocumenten
    1. Achtergronddocumenten en downloads
    2. Colofon
  9. Instructie gebruik Deltaprogramma 2017